De Pers: Zijn deftige uiterlijk verbergt veel liefde!

Voor de meeste mensen is het uiterlijk van de kat het eerste waar men op valt, dat de Pers daarbij ook nog een zeer lief karakter heeft, kan de mensen om dit ras alleen maar “verliefder” maken! 

Het mooie van onze Perzen is hun zeer rustige en zachtaardige karakter.

Deze eigenschappen maken het hun mogelijk zich vrijwel aan elke omgeving aan te passen, dit natuurlijk niet binnen enkele uren, maar na enkele dagen voelen zij zich in de regel al aardig thuis. 

 

Het gedrag van de Pers laat zich het best omschrijven als een beetje “hondachtig”.

Zij hechten zich erg aan de mensen, het liefst blijven zij constant in de buurt van hun “baas". 

Deze aanhankelijkheid maakt hun juist zo bijzonder: eens een Perzenliefhebber, altijd een Perzenliefhebber Perzen zijn meestal ideale showkatten, omdat ze vrijwel nooit nerveus zijn. 

 

Het stemgeluid van de Pers is zacht en melodieus, niet zoals bijvoorbeeld bij Siamezen, deze maken meestal een veel harder geluid.  Perzen zijn niet verlegen, maar zij kijken wel eerst “de kat uit de boom”, voordat ze naar je toekomen. 

Vooral jonge Persjes zijn een vertederend gezicht, klein en wollig met hele mooie onschuldige ogen, het zijn net kleine balletjes wol. 

Perzen blijven natuurlijk katten, zij halen best wel eens kattenkwaad uit, maar het zijn in het algemeen geen dieren die veel klimmen (gordijnen e.d.) en kapot maken, als U ze tenminste voldoende aandacht geeft, net als kinderen kunnen ook zij dingen stuk gaan maken om aandacht te krijgen.

Iedere Pers heeft toch ook weer zijn eigen persoonlijkheid, sommige kunnen heerlijk een uurtje bij U op schoot zitten, terwijl andere daar weer niets voor voelen.  Die vragen weer om een andere manier aandacht. 

U kunt ze beter niet dwingen om bij U te blijven zitten, dit werkt averechts. 

U kunt ze echter wel regelmatig op schoot zetten en wanneer ze dat willen, weg laten gaan, dan wennen ze er langzaam maar zeker aan. 

 

Perzen zijn gewoonlijk zeer goede moeders, zij krijgen gemiddeld twee tot vier kittens per nest.

DE VACHT:

De kittens worden met een betrekkelijke korte vacht geboren.

Na enkele weken begint de lange vacht zich te ontwikkelen, dan kan men ook voorzichtig beginnen met de vachtverzorging, met een hele zacht borstel (als ze + 5 weken oud zijn).

Door hier vroeg mee te beginnen zullen ze zich later gemakkelijker laten kammen en borstelen. 

Perzen verharen meestal 2 keer per jaar, bij goede verzorging zult U hiervan echter weinig merken, dan kamt U de losse haren er vanzelf uit. 

Bij kittens verdwijnt na de tweede verharing de kittenvacht geheel, de langste haren verdwijnen en de kat ziet er enkele weken nogal kortharig uit, daarna begint de vacht meestal vanaf de kop weer te groeien en komt de echte volwassen vacht door.

VACHTVERZORGING:

Uiteraard behoeft deze lange vacht een regelmatige verzorging.

Het beste kunt U de Pers iedere dag kammen en borstelen. 

Hele jong dieren kunt U het beste alleen borstelen, voor hen is kammen een beetje hard. 

Als U de vacht onvoldoende onderhoudt, krijgt het dier klitten en dat is natuurlijk voor het dier niet zo prettig en zeker ook niet voor de eigenaar. 

Bovendien een kat die regelmatig gekamd en geborsteld wordt heeft meestal een mooiere vacht dan wanneer men hem niet regelmatig kamt. 

Deze regelmatige verzorging zorgt er ook voor, dat de band tussen kat en eigenaar alleen maar hechter wordt.

Als borstel kunt U het beste een echt haren borstel gebruiken.  Een plastic borstel maakt de haren statisch en verhoogt de kans op klitten. 

Als kam kunt U het beste gebruik maken van 2 soorten: één met een tandafstand van 4 mm. (grof) en één met een tandafstand van 2 mm. (fijn) .

De kam moet van metaal zijn, dus ook weer beslist geen plastic. 

Als ondersteuning bij het vachtonderhoud is het aan te raden Uw Pers 1 à 2 keer per jaar te wassen. 

Wassen kunt U als volgt doen: U maakt Uw kat door en door nat tot aan de nek (de kop dus niet, wel de kin) bij voorkeur met een handdouche.

Als shampoo kunt U gebruiken: babyshampoo, zeker geen gewone shampoo­, deze droogt de huid alleen maar uit. 

Ook speciale dierenshampoos kunt U gebruiken, meestal verkrijgbaar bij trimsalons. 

U verspreidt voldoende shampoo over de vacht en staart, zodat het gaat schuimen, de buik en kin niet vergeten. 

Hierna spoelt U het haar zeer goed uit, totdat er absoluut geen schuim meer afkomt.  Deze hele behandeling doet U nog een tweede maal. 

 Het beste kunt U hierna de kat droogföhnen. 

Veel katten vinden föhnen niet prettig, vanwege de harde blaaswind en het geluid, maar om de vacht in, ­conditie brengen is het droogföhnen wel veel beter.  Tijdens het föhnen moet U de kat kammen of borstelen, zodat de haren niet krullerig of strengelig opdrogen, dit geeft later klitvorming.

Het zogenaamde showklaar maken van een Pers is een hoofdstuk apart het voert te ver om deze behandeling hier te vermelden. 

Onze Rasclub "R.P.L" organiseert ten behoeve van onervaren mensen regelmatig avonden, waarop het showklaar maken deskundig gedemonstreerd wordt.

 

Hoe borstel ik mijn kat?

Borstel de vacht naar boven en van het lichaam weg om losse haren te verwijderen.

Gebruik een stalen stofkam om over het hele lichaam in een benedenwaartse richting te kammen.

Probeer lastige klitten er met een kam uit te halen door zachtjes tegen de richting in te kammen.

Borstel de haren in het gezicht omhoog met een tandenborstel ­blijf uit de buurt van de ogen.

VOEDING:

Een eerste vereiste is: een schone waterbak met vers water, die altijd bereikbaar is voor de kat. 

Ook de voedselbakjes moeten schoon zijn, tenslotte eten wij ook niet van een vies bord! 

Als U de bakjes niet goed schoon houdt zullen zich op den duur bacillen vormen op de voedselresten, niet zo gezond dus!

De volwassen kat eet ongeveer 2 tot 3 ons eten per dag inclusief het vocht wat hierin zit, afhankelijk van zijn lichaamsgewicht en activiteit. 

Een kat die veel speelt, of buiten is, heeft dus meer nodig dan een kat die de hele dag opgesloten of in een paar kamers zit.

Bij drachtige of zogende poezen zijn deze hoeveelheden uiteraard groter. 

 

Ook kittens eten naar verhouding van hun lichaamsge­wicht meer dan een volwassen kat, kittens moeten er dan ook nog van groeien. 

Om dit echter allemaal exact te vermelden zou zoveel ruimte kosten, dat wij U beter kunnen zeggen: “Koop een goed kattenboek”, b.v. het boek "Katten" van uitgever Spectrum, een alles omvattend boek en ook voor de leek goed te begrijpen, of het "Poezen kookboek", uitgever  Elmar te Rijswijk, waarin U recepten zult vinden, waar U zelf nooit op zou komen of  “Alles over Langhaar katten” geschreven door Stephe Bruin, uitgever Elsevier.

Verder zijn er nog diverse andere goede kattenboeken, welke we helaas niet allemaal kunnen noemen.

 

Het eten moet in ieder geval afwisselend zijn, dus niet iedere dag alleen maar vis, of vlees, maar een echt gevarieerd menu. 

Bij een te eenzijdige voeding treden namelijk na enige tijd tekorten op, waardoor Uw kat ziek kan worden. 

Denk nu niet: “Mijn kat lust alleen maar..... “, dus ik kan hem niets anders geven, want ook hier geldt: de aanhouder wint. 

Schrijver van dit stukje heeft al enige keren volwassen katten in huis gekregen, die beslist niet aan ons menu gewend waren, o.a. uit Engeland en Amerika.  Deze katten wilden ons eten eerst ook helemaal niet eten. 

Uiteraard wisten we wel wat zij gewend waren te eten. 

Wij gaven, voor zover mogelijk, dat wat hij gewend was te eten, met er doorheen een klein beetje van ons eigen eten, dat kleine beetje werd iedere dag meer en nu eten ze precies wat ze voorgezet wordt! (dit duurt ongeveer 6 weken). 

Zelfs vis, wat één van die katten in het begin niet eens bekeek, omdat hij het nog nooit gezien, of zelfs maar geroken had, nu is het zijn lievelingskostje! 

U ziet dus: Uw kat eet wat U wil, als U maar doorzet en niet iets anders geeft als hij een keer niet eet, dit heeft iedere kat zeer snel in de gaten. 

Net als bij kinderen is het ook hier: als ze honger hebben eten ze wel, en anders hebben ze “lekkere honger”.

WatEen kat mag:

Vlees, vis, eendagskuikens, gevogelte, konijn. 

Dit voorziet in de eiwitbehoefte en voor een groot deel ook in de vetbehoefte. 

Daarbuiten moet hij dus nog meer hebben: koolhydraten (b.v. bruinbrood), vitaminen, kalk en mineralen. 

Voor de laatste drie kunt U wat gistocal of gistvlokken aan het eten toevoegen. 

Ook zo nu en dan wat droogvoer (brokjes, knabbeltjes) kan goed zijn, dit werkt tegen tandsteen. 

Katers en kastraten kunnen bij teveel droogvoer echter plasproblemen krijgen, omdat hun urinewegen veel nauwer -zijn dan die van poezen. 

Geef Uw kater of kastraat daarom bij zijn voedsel, of liever door zijn voedsel veel vocht (gewoon water), waardoor hij voldoende “doorspoelt”. 

Dan geeft het meestal geen problemen. U kun natuurlijk ook blikvoer geven. 

Aan een goed blikvoer hoeft U eigenlijk niets toe te voegen, omdat daar alles al in zit.

De mindere soorten vermelden vaak op het etiket niet eens wat erin zit (vitaminen enz.), hier kunt U dus minder van op aan.

Welke soorten eten en hoe?:

Smilie Rundvlees: Hart, kopvlees, nier, lever, mager rundvlees.  Rauw of gekookt, rauw vindt de kat meestal lekkerder.  

        U hoeft het niet te malen of echt fijn te snijden, een kat kan best flink kauwen.

        Nier en lever werken rauw laxerend, lever gekookt werkt stoppend.  

        Lever bevat veel vitamine A, waardoor de botten kunnen ontkalken, niet meer dan 1 keer per week geven.  

Smilie Paardenvlees: Mager paardenvlees is prima, rauw laxeert het iets en als Uw kat er teveel van krijgt kan het een tekort aan vitamine E veroorzaken.

Smilie Vis: Altijd koken en de graten er zeer goed uithalen, graten kunnen blijven steken in de keel, of de maag- of darmwand doorboren!,

        Dan is de ellende niet te overzien!  Vis niet te vaak geven ± 1 keer per week.

       Alle witte vis is geschikt, zoals: kabeljauw, koolvis, wijting, schelvis, geef vooral geen vette vis.  

       Vis is licht verteerbaar, rijk aan eiwit en enigszins  stoppend.

Smilie Gevogelte: Eendagskuikens, misschien niet zo prettig om te geven, maar wel goed voor Uw kat.

        Als U ze geeft kunt U ze zowel rauw als gekookt geven.  

         Door koken neemt de voedingswaarde iets af, dit geldt overigens voor alle soorten eten.

         Kip, kalkoen e.d. rauw of gekookt, wel alle botjes eruit halen.  Als het gekookt is werkt het stoppend.

Smilie  Konijn: Rauw of gekookt, wederom alle botjes eruit halen.

         Heel veel katten zijn er gek op, het is nogal duur, maar als een kat ziek is kunt U hem er soms mee aan het eten krijgen.

Smilie  Ei:  Rauw eiwit mag beslist niet, rauw dooier wel.

         Een geklutst eidooier is niet alleen goed voor zieke mensen, maar ook voor zieke katten, hoewel ze het niet altijd lusten.

         Een flink hard gekookt ei (ongeveer blauw gekookt) ± 15 minuten koken, werkt prima tegen diarree.  

Smilie Groente: Daar is niet iedereen het over eens, maar baat het niet, het schaadt ook niet.

        Wat gekookte andijvie door het eten kan in elk geval geen kwaad.

        Sommige katten lusten ook: geraspte worteltjes (nooit aan een crème kat geven, daardoor kan de vachtkleur donkerder worden), sperziebonen,

        komkommer of komkommerschillen, jong slablaadjes en zelfs boerenkool!

Wat kunt U (beter) niet geven?:

Mad Rauwe vis: Dit bevat een enzym, dat gebrek aan vitamine B1 veroorzaakt.   

Mad Rauw varkensvlees: Eigenlijk kunt U beter helemaal geen varkensvlees geven, het is een nogal vette vleessoort.

      Het kan bovendien een virus bevatten wat de ziekte van Aujeszky veroorzaakt, als uw kat deze ziekte krijgt is hij zeker binnen 24 uur dood.

      Medicijnen tegen deze ziekte zijn er niet.

     Als varkensvlees tenminste 20 minuten goed gekookt heeft mag het gegeven worden, maar liever niet!   

  

     Uit het voorgaande heeft U kunnen lezen: alles met mate en zo gevarieerd mogelijk. Heeft U nog meer vragen dan kunt U altijd contact met ons opnemen .  

Terug / Back